Meest gelezen in de afgelopen maand
Gratis OV 65+ blijft!
31 januari 2012
Deelraadsvoorzitter Markerink vertrekt
17 januari 2012
Blijvende aandacht voor achterlatingen en dwanghuwelijken
2 februari 2012
“Gratis OV voor 65+ tot 1 juli 2012”
18 januari 2012
Bestemming postkantoor Coolsingel
18 januari 2012
‘Totaal geïntegreerd, toch afgewezen’
Maandag, 29 juni 2009. In de media, Volkskrant – John Wanders
De Rotterdamse wethouder Hamit Karakus (44) wil bij de raadsverkiezingen van maart volgend jaar in zijn stad de PvdA-lijst aanvoeren. De voornaamste drijfveer van de in Turkije geboren oud-politieman is zijn ‘enorme zorg’ over de snelheid waarmee grote groepen autochtonen en allochtonen van elkaar vervreemd raken, in Rotterdam en in Nederland.
Zijn partij worstelt met zichzelf en met de tijdgeest en heeft nog altijd geen sluitende remedie gevonden tegen de opmars van volkstribuun Geert Wilders, erkent Karakus. De PvdA is nog de grootste in Rotterdam, maar een kind kan zien dat bij de raadsverkiezingen van maart 2010 slechts de nederlaag wacht. Het zou al knap zijn als de inkrimping van de PvdA-raadsfracties enigszins binnen de perken blijft.
U wilt onder dat gesternte lijsttrekker zijn?
‘Ja, want de PvdA is de enige partij die een brug kan slaan tussen de twee kampen die in toenemende mate tegenover elkaar staan. Overigens zal ik mijn kandidatuur heroverwegen als fractievoorzitter Peter van Heemst opnieuw lijsttrekker wil zijn. Hij heeft het goed gedaan en verdient mijn steun.’
Hoe zou u het debat aangaan met Wilders?
‘Mocht de PVV meedoen in Rotterdam, dan zal Wilders aan de Rotterdammers moeten uitleggen wat hij wil met onze stad. Dat is ook de reden waarom ik hoop dat hij meedoet.
‘De sleutelvraag bij de komende verkiezingen luidt: willen Rotterdammers een gedeelde stad, of samenwerken aan de tweede wederopbouw? Willen we een samenleving die wordt geregeerd door wantrouwen? Of streven we naar een verbonden stad, een stad van en voor alle Rotterdammers, met een stadsbestuur dat niet de angst voedt met slogans, maar uitgaat van feiten en daarbij werkbare oplossingen aandraagt.
‘Ik snap de onzekerheid van autochtone Rotterdammers die zich niet langer thuis voelen in hun eigen stad. Maar de realiteit is wel dat Rotterdam nooit meer het Rotterdam van twintig, dertig jaar geleden zal worden. Natuurlijk hoort daarbij dat je als bestuur problemen van burgers serieus neemt en overlast en excessen hard aanpakt.
‘Tegen de allochtone Rotterdammers zeg ik: deze stad is ook van u, maar als u gastheer in Rotterdam wilt zijn, dan zult u in uw dagelijks leven moeten bewijzen dat de problemen van Rotterdam ook uw problemen zijn. Als u uw kinderen laat in de avond op straat laat spelen, dan is dat een irritatiemoment voor uw stadsgenoten. Als u een vuilniszak in uw portiek zet, dan is ook dat een irritatiemoment voor uw medebewoners. Het veroorzaken van overlast is onacceptabel.’
Wilders zal u antwoorden dat dit het bekende, laffe deuntje is van de PvdA, van pappen en nathouden, dat het alleen maar bewijst dat u geen knip voor de neus waard bent. Wat zegt u dan?
‘Ik zal niet gaan meeschreeuwen. Wel zal ik zeggen dat hij de kiezers misleidt, terwijl zij recht hebben op een reëel verhaal.
‘Ik vraag de kiezers en ook de media heel precies te beoordelen wat Wilders de afgelopen jaren aan maatregelen heeft voorgesteld. Neem dat knieschot voor Marokkaanse hooligans. Probeert u zich voor te stellen hoe het is om in een land te leven waar het officieel beleid is dat de politie jongeren door de knieën schiet. Wilt u in zo’n land wonen?’
Zolang het knieschot zich beperkt tot Marokkaanse relschoppers zijn er ongetwijfeld autochtone Rotterdammers voor dat idee te porren.
‘Het zal je kind maar overkomen. Een dergelijke maatregel zou slechts leiden tot verdere verharding van de tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen.
‘De PvdA ging het afgelopen jaar te krampachtig in het verhaal van Wilders mee. Wij moeten inzichtelijk maken hoe de Nederlandse samenleving er onder Wilders zou uitzien. We moeten de kiezers wakker schudden.’
U heeft twee studerende kinderen van rond de 20. Hoe gaan de gesprekken bij u aan de keukentafel?
‘Mijn kinderen snappen er niets meer van. Je kunt ze niet verwijten dat ze de Nederlandse taal niet spreken, dat ze de gewoonten en de cultuur niet begrijpen, dat ze niet goed opgeleid zijn. En je kunt ze al helemaal niet verwijten dat ze zich niet gedragen. Toch hebben ook zij het gevoel dat ze nog steeds niet geaccepteerd worden. Ook zij vragen zich af of ze in dit land nog wel een toekomst hebben.
‘De groep waartoe zij behoren, die van beter opgeleide migrantenkinderen van de tweede en derde generatie, wordt alleen maar groter. Dat zijn jongeren die het nieuws op de voet volgen en weten wat er in dit land gebeurt. Zij voelen zich buitengesloten in Nederland, hun geboorteland. Ook die groeiende groep wordt steeds lastiger bereikbaar met een genuanceerd verhaal.’
U houdt Wilders verantwoordelijk voor de radicalisering onder Nederlandse moslimjongeren?
‘Hij is op zijn minst medeverantwoordelijk. Wilders voedt immers niet alleen de angst van autochtonen, maar ook die van allochtonen. En als mensen bang worden, vallen ze terug op hun eigen groep. Ze zijn dan ontvankelijker voor de boodschap dat ze zekerheid moeten zoeken bij de tradities van hun voorouders, bij hun geloof. Ik zie hoe de boodschap van radicale moslims aanslaat bij een nog kleine, maar groeiende groep allochtone jongeren.
‘Als je voelt dat je niet langer wordt gewaardeerd door Nederland, dat je nooit helemaal vertrouwd wordt, hoe hard je ook je best doet, dan doet dat iets met je. Mij heeft het gesterkt in mijn overtuiging dat ik daar als politicus en bestuurder iets aan moet doen. Maar vele andere allochtonen haken teleurgesteld af.
‘Zo ontstaan twee groter wordende groepen die zich beide niet meer thuis voelen in hun eigen stad, die bang zijn voor wat de toekomst zal brengen en die niet meer met elkaar verder willen. Dat kan gemakkelijk tot conflicten leiden. Heel zorgwekkend.’
Dit artikel is verschenen in de Volkskrant van 29 juni 2009
Zijn partij worstelt met zichzelf en met de tijdgeest en heeft nog altijd geen sluitende remedie gevonden tegen de opmars van volkstribuun Geert Wilders, erkent Karakus. De PvdA is nog de grootste in Rotterdam, maar een kind kan zien dat bij de raadsverkiezingen van maart 2010 slechts de nederlaag wacht. Het zou al knap zijn als de inkrimping van de PvdA-raadsfracties enigszins binnen de perken blijft.
U wilt onder dat gesternte lijsttrekker zijn?
‘Ja, want de PvdA is de enige partij die een brug kan slaan tussen de twee kampen die in toenemende mate tegenover elkaar staan. Overigens zal ik mijn kandidatuur heroverwegen als fractievoorzitter Peter van Heemst opnieuw lijsttrekker wil zijn. Hij heeft het goed gedaan en verdient mijn steun.’
Hoe zou u het debat aangaan met Wilders?
‘Mocht de PVV meedoen in Rotterdam, dan zal Wilders aan de Rotterdammers moeten uitleggen wat hij wil met onze stad. Dat is ook de reden waarom ik hoop dat hij meedoet.
‘De sleutelvraag bij de komende verkiezingen luidt: willen Rotterdammers een gedeelde stad, of samenwerken aan de tweede wederopbouw? Willen we een samenleving die wordt geregeerd door wantrouwen? Of streven we naar een verbonden stad, een stad van en voor alle Rotterdammers, met een stadsbestuur dat niet de angst voedt met slogans, maar uitgaat van feiten en daarbij werkbare oplossingen aandraagt.
‘Ik snap de onzekerheid van autochtone Rotterdammers die zich niet langer thuis voelen in hun eigen stad. Maar de realiteit is wel dat Rotterdam nooit meer het Rotterdam van twintig, dertig jaar geleden zal worden. Natuurlijk hoort daarbij dat je als bestuur problemen van burgers serieus neemt en overlast en excessen hard aanpakt.
‘Tegen de allochtone Rotterdammers zeg ik: deze stad is ook van u, maar als u gastheer in Rotterdam wilt zijn, dan zult u in uw dagelijks leven moeten bewijzen dat de problemen van Rotterdam ook uw problemen zijn. Als u uw kinderen laat in de avond op straat laat spelen, dan is dat een irritatiemoment voor uw stadsgenoten. Als u een vuilniszak in uw portiek zet, dan is ook dat een irritatiemoment voor uw medebewoners. Het veroorzaken van overlast is onacceptabel.’
Wilders zal u antwoorden dat dit het bekende, laffe deuntje is van de PvdA, van pappen en nathouden, dat het alleen maar bewijst dat u geen knip voor de neus waard bent. Wat zegt u dan?
‘Ik zal niet gaan meeschreeuwen. Wel zal ik zeggen dat hij de kiezers misleidt, terwijl zij recht hebben op een reëel verhaal.
‘Ik vraag de kiezers en ook de media heel precies te beoordelen wat Wilders de afgelopen jaren aan maatregelen heeft voorgesteld. Neem dat knieschot voor Marokkaanse hooligans. Probeert u zich voor te stellen hoe het is om in een land te leven waar het officieel beleid is dat de politie jongeren door de knieën schiet. Wilt u in zo’n land wonen?’
Zolang het knieschot zich beperkt tot Marokkaanse relschoppers zijn er ongetwijfeld autochtone Rotterdammers voor dat idee te porren.
‘Het zal je kind maar overkomen. Een dergelijke maatregel zou slechts leiden tot verdere verharding van de tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen.
‘De PvdA ging het afgelopen jaar te krampachtig in het verhaal van Wilders mee. Wij moeten inzichtelijk maken hoe de Nederlandse samenleving er onder Wilders zou uitzien. We moeten de kiezers wakker schudden.’
U heeft twee studerende kinderen van rond de 20. Hoe gaan de gesprekken bij u aan de keukentafel?
‘Mijn kinderen snappen er niets meer van. Je kunt ze niet verwijten dat ze de Nederlandse taal niet spreken, dat ze de gewoonten en de cultuur niet begrijpen, dat ze niet goed opgeleid zijn. En je kunt ze al helemaal niet verwijten dat ze zich niet gedragen. Toch hebben ook zij het gevoel dat ze nog steeds niet geaccepteerd worden. Ook zij vragen zich af of ze in dit land nog wel een toekomst hebben.
‘De groep waartoe zij behoren, die van beter opgeleide migrantenkinderen van de tweede en derde generatie, wordt alleen maar groter. Dat zijn jongeren die het nieuws op de voet volgen en weten wat er in dit land gebeurt. Zij voelen zich buitengesloten in Nederland, hun geboorteland. Ook die groeiende groep wordt steeds lastiger bereikbaar met een genuanceerd verhaal.’
U houdt Wilders verantwoordelijk voor de radicalisering onder Nederlandse moslimjongeren?
‘Hij is op zijn minst medeverantwoordelijk. Wilders voedt immers niet alleen de angst van autochtonen, maar ook die van allochtonen. En als mensen bang worden, vallen ze terug op hun eigen groep. Ze zijn dan ontvankelijker voor de boodschap dat ze zekerheid moeten zoeken bij de tradities van hun voorouders, bij hun geloof. Ik zie hoe de boodschap van radicale moslims aanslaat bij een nog kleine, maar groeiende groep allochtone jongeren.
‘Als je voelt dat je niet langer wordt gewaardeerd door Nederland, dat je nooit helemaal vertrouwd wordt, hoe hard je ook je best doet, dan doet dat iets met je. Mij heeft het gesterkt in mijn overtuiging dat ik daar als politicus en bestuurder iets aan moet doen. Maar vele andere allochtonen haken teleurgesteld af.
‘Zo ontstaan twee groter wordende groepen die zich beide niet meer thuis voelen in hun eigen stad, die bang zijn voor wat de toekomst zal brengen en die niet meer met elkaar verder willen. Dat kan gemakkelijk tot conflicten leiden. Heel zorgwekkend.’
Dit artikel is verschenen in de Volkskrant van 29 juni 2009
Gerelateerde dossiers
Agenda
PvdA Koffielounge
13 februari 2012
deelraad HiS
14 februari 2012
discussiebijeenkomst OVB
15 februari 2012